Stel: je hebt een Nederlandse en een Duitse versie van dezelfde pagina. Een Duitse bezoeker zoekt, en Google toont de Nederlandse versie. Niet handig. Hreflang is het stukje code waarmee je Google vertelt welke versie bij welke taal of regio hoort. John Mueller van Google noemde het ooit een van de meest complexe onderdelen van SEO, en daar heeft hij een punt.
Verwachtingen managen: hreflang is geen rankingtruc. Het maakt je niet hoger zichtbaar. Het zorgt dat de júiste versie van je pagina bij de juiste bezoeker terechtkomt, en dat de signalen van je taalversies bij elkaar worden opgeteld in plaats van tegen elkaar te concurreren.

Wat hreflang wel en niet doet
Hreflang doet twee dingen. Het stuurt de juiste taalversie naar de juiste bezoeker, en het vertelt Google dat je versies bij elkaar horen, zodat ze elkaar versterken in plaats van als duplicaat te concurreren. Wat het niet doet: je een plek hoger zetten. Zie het als de bewegwijzering in een gebouw, niet als de lift.
De drie manieren om hreflang door te geven
Volgens Google’s eigen documentatie kan het op drie manieren. Kies er één en wees consistent.
- In de HTML, in de
<head>van je pagina. Veruit het meest gebruikt. - Via een HTTP-header. Handig voor niet-HTML-bestanden, zoals een PDF.
- In je XML-sitemap. Prettig bij veel pagina’s, want zo houd je je HTML schoon.
<link rel="alternate" hreflang="nl" href="https://example.com/nl/pagina/" />
<link rel="alternate" hreflang="en" href="https://example.com/en/page/" />
<link rel="alternate" hreflang="x-default" href="https://example.com/" />
De regels die je niet mag breken
Hreflang is onverbiddelijk: één foutje en Google negeert vaak de hele set. De harde regels:
- Wederkerig. Verwijst pagina A naar B, dan moet B ook naar A verwijzen. Anders worden de tags genegeerd.
- Self-referencing. Elke versie noemt ook zichzelf.
- Taal eerst, regio optioneel. De taalcode (ISO 639-1, bijvoorbeeld
nl) is verplicht; een regiocode (ISO 3166-1, bijvoorbeeldnl-BE) mag erbij, maar een regio zónder taal mag niet. - x-default. Voeg een
x-defaulttoe voor iedereen wiens taal niet in je lijst staat, vaak je taalkeuze- of hoofdpagina. - Wijs naar de echte URL. Absolute https-URL’s, geen redirects, geen noindex, geen geblokkeerde pagina’s.
De fouten die we het vaakst zien
Bijna elke hreflang-implementatie die we onder ogen krijgen, struikelt over een van deze: een ontbrekende self-reference, een ongeldige code (en-UK in plaats van en-GB), versies die niet wederkerig naar elkaar wijzen, een verwijzing naar een pagina die redirect of op noindex staat, een ontbrekende x-default, of een mix van http en https. Stuk voor stuk klein, maar samen genoeg om de boel te laten negeren.
En dat is bepaald geen randgeval. Uit onderzoek van Ahrefs onder 374.756 domeinen bleek 67% minstens één hreflang-probleem te hebben. Het goed krijgen is dus eerder uitzondering dan regel, en juist daarom een kans om het verschil te maken.
Hoe wij het op onze eigen site deden
Onze eigen site is tweetalig (Nederlands en Engels), dus we lopen tegen precies deze dingen aan. We houden het bewust simpel: alleen taal, geen regio, dus nl, en en x-default. Elke pagina verwijst wederkerig naar zijn andere taalversie én naar zichzelf, en alles staat op https. Eén valkuil kostte ons even hoofdpijn: onze vertaaltool zette de URL’s stiekem terug naar http, waardoor de set niet meer klopte. We hebben dat met een klein stukje eigen code rechtgetrokken zodat alles gegarandeerd https is. Juist dat soort details bepaalt of hreflang werkt of niet.
Hreflang is geen rankingtruc. Het is een routekaart: je vertelt de zoekmachine welke deur bij welke bezoeker hoort.
Giacomo Perticara, oprichter en SEO-strateeg bij GRP Digital
Hreflang en de canonical tag zijn twee kanten van dezelfde medaille: allebei vertel je Google welke URL waarvoor bedoeld is. Zet ze samen goed neer en je geeft de zoekmachine heldere signalen in plaats van ruis.




